Op 16 september is het Internationale Dag ter Bescherming van de Ozonlaag.
Een datum die ons herinnert: Milieuproblemen zijn door mensen veroorzaakt – maar ook oplosbaar.
Een korte terugblik: het FCKW-drama
In de jaren zeventig ontdekten wetenschappers dat fluorchloor-koolwaterstoffen (FCKW) de ozonlaag aantasten – die flinterdunne beschermlaag die ons beschermt tegen gevaarlijke UV-straling. Jarenlang waren FCKW standaard in koelkasten, spuitbussen en schuimstoffen.
Het resultaat: een steeds groter wordend „ozongat“ boven Antarctica.
Maar anders dan bij veel huidige crisissen gebeurde er iets verbazingwekkends: de wereld reageerde. In 1987 werd het Montrealer Protocol aangenomen, dat de productie en het gebruik van FCKW wereldwijd sterk beperkte. De klassieke spuitbussen, die vroeger in bijna elke badkamer stonden, verdwenen of werden vervangen door FCKW-vrije varianten. Velen herinneren zich nog het „ozongat-haarspray“-thema in de jaren 80/90.
En zie daar: tegenwoordig wordt de ozonlaag als „op weg naar herstel“ beschouwd. Een bewijs dat internationale samenwerking werkt.
Van FCKW naar CO₂ – de volgende grote uitdaging
Terwijl het hoofdstuk FCKW hoop geeft, toont het thema CO₂ ons de volgende grote klus.
CO₂ tast de ozonlaag niet direct aan – maar het verandert de temperatuurverhoudingen in de atmosfeer:
• In de troposfeer (beneden, waar wij leven) wordt het warmer.
• In de stratosfeer (boven, waar de ozonlaag ligt) wordt het kouder.
Deze afkoeling versterkt chemische processen die nog aanwezige schadelijke stoffen zoals FCKW-restanten of stikstofoxiden gebruiken om ozon af te breken. Het gevolg: het herstel van de ozonlaag wordt afgeremd – terwijl het klimaat door stijgende CO₂-waarden tegelijk verder opwarmt.
CO₂ is daarmee niet de „ozonvernietiger“, zoals FCKW dat waren – maar het maakt het leven van de ozonlaag moeilijk en verergert tegelijk de klimaatcrisis. En het verraderlijke: het is onzichtbaar, overal aanwezig en zit in bijna alles – van energie over vervoer tot kleding.
Wie in een glazen huis zit, moet bomen planten
CO₂ ontstaat overal waar fossiele brandstoffen zoals steenkool, olie of gas worden verbrand – in elektriciteitscentrales, in auto’s, bij het verwarmen of in de nijverheid. Alleen al de kledingindustrie is verantwoordelijk voor ongeveer 10 % van de wereldwijde CO₂-uitstoot. Daarmee stoot zij meer uit dan internationale vluchten en de hele scheepvaart samen. Een schokkende waarde voor een bedrijfstak die vaak alleen op snelle mode en korte levensduur inzet.
Het zogenaamde broeikasgas hoopt zich op in de atmosfeer, legt zich als een onzichtbaar deken om de aarde en zorgt ervoor dat warmte niet meer kan ontsnappen. Dat noemen we het broeikaseffect.
Gelukkig zijn er natuurlijke tegenhangers: bomen, bossen, zeegrasvelden en ook moerassen. Zij werken als klimaatkrachtcentrales, omdat ze CO₂ uit de lucht opnemen en de koolstof opslaan in hun hout, wortels of in de grond. In ruil geven ze zuurstof af – die levensnoodzakelijke stof die wij inademen. Eén grote boom kan per jaar tot 10 kg CO₂ binden en tegelijk zuurstof produceren voor meerdere mensen.
Zo wordt duidelijk: herbebossing, gezonde zeeën en intacte leefgebieden zijn meer dan mooie natuur – ze zijn belangrijke bondgenoten in de strijd tegen de klimaatcrisis.
Wat wij doen – en wat blijft
Sinds onze oprichting tien jaar geleden zetten wij bij wijld daarom in op materialen die vergeleken met gewone katoen of polyester enorme hoeveelheden CO₂ besparen. De reden ligt in de oorsprong van de vezel: onze houtvezel wordt gemaakt van snelgroeiend hout. Terwijl katoen groeit en verwerkt wordt in water- en energie-intensieve processen, bindt het hout al tijdens zijn groei CO₂.
Daarbij komt: bij de productie van de vezel gebruiken we het oplosmiddel NMMO, dat bijna 100 % wordt hergebruikt. Daardoor ontstaat een vrijwel gesloten kringloop, die uitstoot minimaliseert en afval voorkomt.
Concreet besparen we bij de vezelproductie ongeveer 75 % CO₂ vergeleken met katoen.
We laten daarmee zien: mode kan niet alleen mooi zijn, maar ook verantwoordelijkheid dragen.
Net zoals het Montrealer Protocol ooit het ozongat onder controle kreeg, moeten we nu bij CO₂ moedig handelen – als samenleving, als bedrijf, als consument.
Een reden tot hoop
De dag van de ozonlaag herinnert ons eraan: zelfs wereldwijde milieuproblemen zijn op te lossen als we samenwerken. Wat toen de FCKW waren, is nu de CO₂.
En als we dezelfde vastberadenheid tonen, kunnen we ook deze uitdaging aan.
Tot die tijd blijven wij bijdragen om de voetafdruk van mode kleiner te maken – shirt voor shirt, vezel voor vezel.


